Nieuw hier? Begin met de meest gelezen tips Begin hier
stekkerUit

Terugleverkosten uitgelegd: waarom zonnepanelen geld kunnen kosten

24 februari 2026·Door Femke Kuipers·3 min leestijd
Terugleverkosten uitgelegd: waarom zonnepanelen geld kunnen kosten

In oktober lag het verlengaanbod van onze oude leverancier op de mat. Een nieuw vast contract, met op pagina twee een regel die ik bijna oversloeg: terugleverkosten, bijna 9 cent per kWh die je teruglevert. Ik pakte de omvormer-app erbij en rekende het na. Voor ons zou dat ruim 170 euro per jaar zijn, alleen omdat er acht panelen op ons dak liggen.

Waarom leveranciers hiervoor geld vragen

Het heeft met salderen te maken. Zolang de salderingsregeling geldt, en dat is tot en met 31 december 2026, mag je de stroom die je teruglevert wegstrepen tegen de stroom die je afneemt. Een kWh die op een zonnige middag het net op gaat, is op je rekening dus evenveel waard als een kWh die je op een winteravond gebruikt, inclusief energiebelasting.

Voor de leverancier ligt dat anders. Op zonnige middagen, als alle panelen in het land tegelijk produceren, is stroom op de groothandelsmarkt weinig waard, soms zelfs minder dan niets. De leverancier moet die stroom toch afnemen, terwijl jij hem tegen de volle prijs mag wegstrepen. Dat verschil kost geld. Vroeger werd het over alle klanten uitgesmeerd, nu rekenen steeds meer leveranciers het rechtstreeks door aan huishoudens met zonnepanelen.

De vormen die je tegenkomt

  • Een bedrag per teruggeleverde kWh. Let goed op of het over alles gaat wat je teruglevert, of alleen over wat je méér teruglevert dan je verbruikt. Voor ons is dat het verschil tussen ruim 170 euro en vrijwel niets.
  • Een staffel. Een vast bedrag per maand, afhankelijk van hoeveel je per jaar teruglevert.
  • Geen terugleverkosten, wel een lage vergoeding. Sommige leveranciers rekenen niets apart, maar geven weinig voor de stroom die je teruglevert. Bij dynamische contracten krijg je vaak de uurprijs, en die is op zonnige middagen laag.

Verwar terugleverkosten niet met de terugleververgoeding. De vergoeding is wat je krijgt voor de stroom die je over een heel jaar méér teruglevert dan je verbruikt. De kosten zijn wat je betaalt voor het terugleveren zelf.

Wat het voor ons betekende

In 2025 wekten we 2.870 kWh op. Daarvan leverden we 1.960 kWh terug, en we haalden 1.970 kWh van het net. Ons contract van 2025 had nog geen terugleverkosten, het verlengaanbod dus wel. Dat was een van de redenen dat ik in november verder ben gaan kijken. Sinds 1 februari hebben we een dynamisch contract bij een kleine groene leverancier, die op het moment van schrijven geen aparte terugleverkosten rekent. Wat we teruggeven, wordt verrekend tegen de prijs van dat uur. Of dat voordeliger uitpakt dan het verlengaanbod, zie ik pas na een zomer.

Wil je zelf vergelijken, dan heb je één getal nodig: hoeveel kWh je per jaar teruglevert. Dat staat op je jaarafrekening of in de app van je omvormer. Vermenigvuldig dat met de terugleverkosten en tel het op bij de rest van het contract. Ook een flinke welkomstbonus is daardoor soms in één jaar opgesoupeerd.

Wat je zelf kunt doen

Je kunt vooral de teruglevering kleiner maken door meer stroom direct te gebruiken. Wij zitten op 32 procent eigen verbruik. Door de was en de vaatwasser waar het kan naar de middag te schuiven, houden we dat zo hoog mogelijk. Maar met een tussenwoning, ouders die buiten de deur werken en kinderen op school blijft het grootste deel van onze middagstroom gewoon het net op gaan.

Terugleverkosten voelen een beetje als straf voor goed gedrag. Toch snap ik ze beter nu ik weet waar ze vandaan komen. En de belangrijkste les van dat verlengaanbod is eigenlijk heel ouderwets: lees altijd ook pagina twee.

Geplaatst in: Zon & stroom

Reacties zijn gesloten.

Femke Kuipers

Geschreven door Femke Kuipers

Doktersassistente, moeder van twee en sinds de energiecrisis van 2022 fanatiek meteropnemer in een rijtjeshuis uit 1978 in Apeldoorn. Lees meer over mij →

Gerelateerde berichten